Stagediscriminatie: herkennen, bespreken en aanpakken
Bij Summa vinden we stagediscriminatie een belangrijk onderwerp. Het raakt direct aan gelijke kansen en aan hoe studenten zich ontwikkelen tijdens hun opleiding. Daarom zetten we stappen om signalen beter te herkennen en het gesprek hierover te voeren.
We bieden docenten cursussen, doen onderzoek en zorgen dat het meldpunt zichtbaar en toegankelijk is. Maar het begint bij luisteren. Bij ruimte geven aan ervaringen van studenten en docenten.
Het verhaal van Yasemin laat zien wat stagediscriminatie in de praktijk betekent en waarom het nodig is en blijft om in beweging te zijn.
“Studenten moeten voelen dat ze er niet alleen voor staan”
Tien jaar nadat Yasemin Asil als student begon bij Wonen&Design, keerde ze terug als docent Engels. “Dat voelde als een full circle moment,” vertelt ze. “Maar het bracht ook herinneringen terug.” Ze volgde de opleiding Interieuradvies met veel plezier. Haar passie voor interieur was er altijd. De stages waren een ander verhaal.
“We konden altijd terecht bij de Turkse meubelzaak”
“In mijn tijd, ik heb van 2015 tot 2019 Interieuradvies gestudeerd, waren we met z’n tweeën de enigen met een hoofddoek bij Wonen & Design. Veel stagebedrijven waren dat niet gewend.” Al snel kwam ze erachter dat het vinden van een stage lastig zou worden. “Mijn vriendin, die ook een hoofddoek droeg, zei: bij een Turkse meubelzaak kunnen we altijd terecht. Maar daar moest je je stage eigenlijk zelf verzinnen. Het sloot niet echt aan bij wat we leerden.” Yasemin wilde meer. Een inhoudelijke stage. Met klantcontact. Dus ze solliciteerde.
De mail die alles veranderde
“Ik was achttien. Net verhuisd van Almere naar Eindhoven. Nieuwe stad, nieuwe school. En toen kreeg ik een mail van een bedrijf waar ik had gesolliciteerd.” De boodschap was duidelijk: ze werd niet aangenomen vanwege haar hoofddoek. “Ik was boos. Maar ik besefte nog niet volledig wat er gebeurde. Ik heb die mail verwijderd en het uiteindelijk niet aan school gemeld.” Het voelde als een harde landing in een nieuwe omgeving. “Ik dacht: oké… dus zo gaat dat hier.” Ze was op haar hoede. Wilde zich aanpassen en wilde geen negatief beeld bevestigen.
Een stage vinden lukte niet. Ze was de enige zonder plek. Uiteindelijk liep ze stage in een Turkse meubelzaak en bedacht zelf een opdracht om haar stage te halen. Ze sloot af met een 5,5. “Toen dacht ik: prima, ik ben er vanaf.”
Ook in de jaren daarna bleef het vinden van een stage moeilijk. Soms verder reizen om ergens wél terecht te kunnen. Accepteren wat mogelijk was, in plaats van kiezen wat bij haar paste. Bij haar eindexamen bladerde ze door de portfolio’s van klasgenoten. “Zij hadden zulke mooie opdrachten gedaan. Projecten waar hun hart lag. Ik was jaloers. Dat was voor mij het moment waarop ik besefte: we starten niet allemaal met dezelfde kansen.”
Terug naar de plek van toen
Na haar diploma ging Yasemin naar het hbo. Daar groeide ze, als persoon en professional. “Ik dacht: ik wil niet dat deze ervaringen bepalen wie ik ben.”
Via een vriendin hoorde ze over een vacature docent Engels bij Interieuradvies. Ze solliciteerde en werd aangenomen. “Nu kan ik mijn passie voor interieur combineren met Engels. In deze rol kan ik echt mijn ei kwijt.” Toch waren de eerste weken lastig voor Yasemin. De eerste weken waren confronterend. “Ik liep door het gebouw en dacht: hier heb ik gehuild. En daar ook.” Het oude gebouw, waar ze zelf ooit studeerde, staat er nog steeds en daar wordt af en toe nog lesgegeven. Dat maakte het in het begin extra beladen. De opleiding is een paar jaar geleden verhuisd naar het gebouw ernaast. Die nieuwe omgeving hielp haar om het verleden beter los te koppelen van het heden.
Het gebeurt nog steeds
Recent vertelde een derdejaars student dat ze discriminatie had ervaren tijdens haar stage in het tweede jaar. Ze heeft dit gemeld, maar wilde niet dat er iets mee gedaan werd: uit angst om opnieuw stage te moeten lopen en om vertraging op te lopen. “Ze kreeg voortdurend vragen over haar geloof. Ze is uiteindelijk zelf het gesprek aangegaan en heeft haar stage gehaald met een mooi cijfer. Maar die ervaring neemt ze voor altijd mee.”
Wat wij kunnen doen
“Als je naam niet Westers klinkt, kan het al lastiger zijn,” zegt Yasemin. “Dat het nog steeds gebeurt, vind ik heel erg.” Yasemin volgde de training Van stagediscriminatie naar stagegelijkheid. “Voor mij was veel herkenbaar. Maar het gaf ook handvatten en inzicht.” Haar boodschap aan collega’s is duidelijk: “Wij leiden studenten op. Als een student door discriminatie zijn of haar opleiding niet goed kan doorlopen, dan moeten we iets doen.”
Het begint bij luisteren. Het gesprek aangaan, ook als het ongemakkelijk is. Studenten laten voelen dat ze niet alleen staan. Signalen serieus nemen. Het meldpunt zichtbaar maken én weten hoe het werkt.
Van bewustwording naar actie
Binnen de opleiding zijn al stappen gezet. Er is meer aandacht, meer ondersteuning, er wordt beter geluisterd naar studenten en ze proberen de signalen eerder op te pakken. Maar blijvende alertheid is nodig. Voor Yasemin is het helder waar het om gaat: gelijke kansen. “Geen enkele student zou genoegen moeten nemen met een 5,5 omdat de kansen ongelijk verdeeld zijn.”
Haar oproep is dan ook duidelijk: ga het gesprek aan en maak een melding. En zorg er samen voor dat iedere student de kans krijgt om het maximale uit zijn of haar opleiding te halen.
Wat kun je doen als je stagediscriminatie ervaart?
Bespreek het met je mentor of bpv-begeleider. Je kunt ook terecht bij een vertrouwenspersoon. Wil je een melding doen? Dat kan via dit formulier. Meer weten, download dan hier de pdf over stagediscriminatie.
Je staat er niet alleen voor. Samen kijken we wat er nodig is, bijvoorbeeld een andere stageplek of extra ondersteuning.